zaterdag 18 maart 2017

Zwitserland.

Een enkele keer gaan we op pad zonder tent of caravan. Zo zijn we jaren geleden eens op zwerftocht geweest door Zwitserland. We gingen wel met een bepaald doel. Het plan was; we rijden naar zuidoost Zwitserland en maken een tocht met de beroemde Bernina express. Daar in het gebied Graubünden lopen prachtige spoorlijnen door en over de Alpen. De reis naar die streek is ook mooi natuurlijk. We hebben een overnachting in Basel gedaan. Daarna via een fraaie route naar Chur. Daar was de uitvalsbasis  voor enkele tochten en dus ook voor de treinreis. De Bernina route loopt van het station in Chur over de alpen naar het Italiaanse dorpje Tirano. Er zijn meerdere wonderschone punten op deze reis. We rijden eerst stapvoets een stuk door de stad Chur. Links en rechts zie je auto's en fietsers. Het lijkt alsof je in een tram zit.Daarna begint de reis pas echt. Na een flinke klim komen we bij het beroemde Landwasser viaduct.
 Het Landwasser viaduct. Het viaduct is 63 meter hoog en 135 meter lang.
In 1902 reed de eerste trein over dit bij de stad Filisur gelegen bouwwerk.
We vallen van de ene verbazing in de andere. Door stadjes en langs grote bergmeren gaat de reis.
Bij de stad Brusio hebben de ontwerpers de steile afdaling overwonnen door middel van een spiraal viaduct. Heel apart!
In Sankt Moritz rijden we door de stad. Later zijn we daar nog op eigen gelegenheid nog geweest. Een jetset plaats en we herinneren ons de prijs van een kop koffie en een broodje. Niet echt iets voor een drukkers echtpaar.
Het dorp Disentis in de Engadin vallei. Provincie Graubünden.
De terugweg. We stoppen voor een pauze aan de schitterend gelegen Walensee. De koffie was hier zeer betaalbaar, we hebben zelfs twee bakkies genomen én een broodje.












dinsdag 14 maart 2017

Castellane.

Via de Route Napoleon komen we in een van onze favoriete Franse plaatsen. Castellane.
Gelegen aan de rivier de Verdon. Gelegen op een hoogte van ongeveer 700-800 meter.
Het is er gezellig en natuurlijk ingericht op toerisme. Als wij er zijn is het hoogseizoen alweer voorbij. Dan is het aangenaam vertoeven in deze stad. We zijn twee maal vanuit het noorden naar Castellane gereden en dat is een mooie route, waar ooit Napoleon ons voor ging op zijn beroemde trektocht. We hebben er twee maal gestaan op een camping, amper 300 meter van het centrum.
De camping heeft de naam van een beroemde Franse schrijver/dichter, Frédéric Mistral. Prima plekje om te overnachten en Castellane en omgeving te verkennen.
Uit het noorden komen we de stad binnen via de Boulevard Saint Michel, we draaien naar het plein met terrassen. Place Marcel Sauvaire. De kruising die daar volgt geeft je de keuze; rechts naar de camping of links via de Boulevard de la Republique de stad weer verlaten. Dan kom je over de rivier de Verdon, die van daaruit naar de bekende Gorges du Verdon stroomt.

We naderen Castellane. Hanni maakte de foto vanuit de auto.
Te zien is de grote rots met daarop de Notre Dame du Roc.
Castellane centrum met weer de rots.

Castellane, de Verdon en de oude brug, Pont du Roc.


Koffie op 2058 meter hoogte. Col du Lautaret.

Vakantie 2012.

Het jaar 2012 zal voor ons een memorabel jaar worden. Natuurlijk blijkt dat achteraf. De reis van dat jaar is in ieder geval ook memorabel te noemen. Het was altijd een wens om eens echt door de Hoge Alpen te trekken. Dat wordt klimmen met de caravan. Trekauto was toen een prachtige en sterke Mitsubishi Spacerunner. Delta Euroliner 410 was de caravan. Een mooie en goede combinatie. In 2011 zag ik de renners van de Tour de France over de Col du Lautaret klimmen. Daar wilde ik heen en het leek Hanni ook wel mooi. Er volgt een nauwkeurig onderzoek. Kaarten raadplegen met stijgingspercentages. We moeten uiteindelijk naar 2058 meter hoogte. Filmpjes op YouTube geven ook een beeld van de dingen die ons te wachten staan. We gaan. Het eerste deel van de reis is mooi, maar bekend. Bij Grenoble veranderd het beeld. we gaan linksaf in de richting van Bourg d'Oisans. Grenoble wordt de hoofdstad van de Alpen genoemd en ligt op ongeveer 400 meter hoogte. Vanaf Grenoble naar Burg d'Oisans klimmen we meteen.  De overnachting is gepland in Allemond. Een leuk dorp aan de voet van de hoge Alpen en met name Bellerousse. Daar zijn we dan al op een kleine 800 meter. We kiezen voor camping Le Grand Calme. De ontvangst is hartelijk, het is niet druk en we zoeken een mooi plekje uit. Na installatie even rusten en daarna een lekkere wandeling rond de camping, naar het Lac de Verney en een wandeling door het dorp, dat is het "nieuwere" deel van Allemond. Vanaf de camping hebben we uitzicht op de bergen en het oude dorp.
Blik op het oude dorp vanaf de camping.




Receptie van camping Grand Calme.












We gaan de volgende dag verder. We gaan eerst door Bourg d'Oisans en klimmen daarna langzaam verder. We passeren het Lac de Chambon. Daar stoppen we dan toch even. Fotomomentje! We rijden door en komen door enkele tunnels zoals de tunnel de Chambon. Door de stijging is onze snelheid relatief laag, gemiddeld 40-50 km per uur. Mooi om van de vergezichten te genieten. We passeren het prachtig gelegen dorp La Grave. We klimmen verder en de weg slingert als een serpentine naar de top van de Lautaret. Daar gekomen stoppen we voor een uitgebreide pauze. We drinken koffie bij het restaurant op het terras. De hoogste kop koffie vande reis. 2058 meter hoog. We lopen rond en kijken uit naar alle richtingen.
Daarna de afdaling naar Embrun is ook spectaculair en we stoppen nog enkele keren voor een foto.
Wat volgt is zeker even prachtig en we herinneren ons deze reis als een van de mooiste die we maakten.






 La Grave en Le Chazelet. Rechtsboven naderen we Allemond. Midden onder, pauze iets voorbij La Grave.


We zijn boven. Uitzicht vanaf parking.




donderdag 9 maart 2017

Bastogne.

1982. Door omstandigheden die we ons niet meer kunnen herinneren gaan we laat op pad. Is niet erg, we overnachten gewoon een keertje extra. We kiezen Bastogne in de Belgische Ardennen als eerste stop- en overnachtingsplaats. Iemand had ons getipt, ga op camping Kennedy staan in Bastogne. Leuk en bedankt voor de tip. We stappen in en gaan rijden, het moet een makkie worden. Ik ken de weg daar. Kan het wel dromen daar. Tegen het einde van de middag zijn we in Bastogne. Deze bekende plaats is niet groot, dus die camping moeten we snel vinden. We staan op het bekende kruispunt met de tank. Alles ademt hier de historie van de 2e wereldoorlog en dan vooral de slag om de Ardennen. Gaan we rechtdoor, linksaf of rechtsaf. Mijn gevoel zegt links en zodra het verkeerslicht groen is draaien we daar de weg in. Na een kilometer verlaten we de stad, geen goed idee. Keren en weer terug naar het kruispunt. Dan nu weer links, wat eerst rechtdoor was. Hier zijn we na twee kilometer de stad uit. Keren en we kiezen, op het kruispunt nu de derde optie. Weer geen camping te zien. Het wordt misschien eentonig, maar we gaan weer terug. Op het kruispunt staan we elkaar aan te kijken. Wat nu?? Hanni adviseert terug te gaan, maar ik stribbel tegen. Daar komen we vandaan, die weg hebben we gereden toen we Bastogne binnen kwamen. Een alternatief heb ik ook niet dus we gaan de Rue de Sablon in. Terug dus. Na een paar honderd meter staan we stil. We weten het niet en om geen heftig meningsverschil te krijgen, besluit ik de weg dan maar te vragen. Er komt een lesauto aan die het straatje in gaat draaien waar wij staan. Ik steek mijn hand op en hij stopt. De leerling kijkt me met grote ogen aan, dus ik loop naar de instructeur. Ik vraag naar een camping. Volg ons maar zegt de man en zo gaan we het doen. We slingeren wat door smalle straatjes
en als hij stopt wijst hij ons op de "camping". We danken de man uitbundig en kijken elkaar aan. Camping?? Nou ja, we weten het niet. Het lijkt een terrein van de plaatselijke tennisvereniging. We lopen naar binnen en de jongedame verwelkomt ons heel vriendelijk. We mogen zeker kamperen hier. Ze wijst een veld aan waar inderdaad een andere tent staat. Daar kunnen wij ons ook installeren. Comme vous voulez. Waar u maar wilt. Douchen en kunnen we in de douches van de tennisclub. Is er ook iets te eten dan? Ja hoor, we serveren pommes frites. Nou oké dan. Om de prijs hoeven we het niet te laten. Tentje opzetten en dan maar een frietje halen met een biertje er bij. De volgende morgen douchen we ons bij de tennisclub. Er zijn ook nog stokbroodjes te koop. Toen we wakker werden hing er een mooi mistig sfeertje. Ik heb een foto gemaakt van ons tentje en een leuke buurman, het paard. We zijn weggereden en zagen na ongeveer een kwartier camping Kennedy. Vlak daarbij stopten we even om ons broodje te eten. De camping bij de tennisclub bestaat nog steeds, het is een grote camping en heet camping Renval.


Arras.

Lang geleden waren we op de terugweg vanuit Vias. We rijden door het westen van Frankrijk naar Nederland. Waarom we speciaal in de stad Arras willen overnachten is ons nu ontschoten. We kunnen zelfs geen enkel argument meer bedenken. We gingen toen echter voortvarend op weg naar Arras. In die tijd stond internet nog in de kinderschoenen. Het was voor ons nog niet toegankelijk. In 1989 werd het pas toegankelijk voor academici, laat staan dat wij in 1981 erover konden beschikken. We waren voorzien van simpele ANWB informatie met betrekking tot campings.
In Arras was een gemeentecamping (municipal) zo schreef de kleine gids. Campings waren toen ook nog niet goed aangegeven met richtingborden. Dus storten we ons de straten van de stad, op zoek naar een camping, dé camping. Geen bordjes te zien. Na drie keer rond te zijn gereden via verschillende straten door het centrum en buitenwijken zijn we het wel zat. We komen weer een keer in het centrum en ik zie aan de rechterkant het politiebureau. STOP!! De Peugeot wordt nonchalant op de stoep geparkeerd, we zijn in Frankrijk, dus daar wordt niet zo erg op gelet.
Ik wandel naar binnen en begroet een aardige agent achter een balie. Hij begroet mij ook vriendelijk en ik vertel hem van onze zoektocht. Ik vraag of hij misschien kan uitleggen hoe we bij die camping komen. Hij komt met een soort stadsplattegrond aan en begint te tekenen. In veel te rap Frans vertelt  hij waar we moeten zijn. Mijn blik naar hem moet boekdelen hebben gesproken. Misschien is hopeloos de juiste beschrijving. Hij valt stil en denkt na. Dan roept hij een collega en er wordt weer in rap Frans overlegd. De collega neemt me mee en vraagt waar onze voiture is. Haha, pal voor zijn neus op het trottoir. Nou, volg me maar zegt de man. Verbaasd stap ik in en Hanni vraagt, wat nu? Ik zeg dat ze even moet wachten of ik het goed begrepen heb. Jawel, ik had het goed, een politieauto rijdt heel rustig voor ons uit. Na een paar straten stopt de agent en wijst een andere straat in, daar is de camping. Nou zeg, merci beuacoup enzo. We zijn bij de camping. Het blijkt een waardeloze camping. Klein terrein, geheel ommuurd en dus geen enkel vrij uitzicht. Een heftig opgedirkte dame op leeftijd wijst ons heel vriendelijk een plaats. Een uur later ruiken we nog haar sterke parfum. Slapen gaat lastig, de camping ligt in de stad en aan de route naar het plaatselijke ziekenhuis. Om het kwartier raast er wel een ambulance langs met veel sirenes ingeschakeld. Nee, hier komen we niet weer terug. Foto's hebben we niet meer, maar op internet stond deze foto van het politiebureau. Dat is in de loop der jaren vrijwel niet verandert. We herkennen het weer.



zondag 5 maart 2017

Langs de rivier de Loue.


We maken een tussenstop in het Franse stadje Quingey, departement Doubs. We zitten dertig kilometer ten zuiden van Besançon aan de rivier de Loue. Camping Les Promenades is een Municipal camping en ligt pal aan de rivier. Leuke camping in een leuk stadje. Ik wil dan altijd wat van de geschiedenis weten, zowel de stad als de rivier. Ik kwam een leuk verhaal tegen over de rivier de Loue.
Deze rivier ontspringt bij een grote rotspartij in de buurt van de stad Pontarlier. De omgeving nodigt uit tot wandelen. Zo liep er in het jaar 1901 een wandelaar langs de Loue in de richting van de bron. Het begon hem op te vallen, dat de rivier een vreemde lucht had en ook de kleur was niet origineel meer. Hij moest denken aan de drank ABSINT. Hij ging op zijn knieën en schepte met zijn hand wat van het water op. Hij proefde duidelijk ABSINT. Hoe kan dit gebeuren.
De oplossing werd even later gevonden. Bij de stad Pontarlier staat de beroemde PERNOD fabriek, waar ook de groene drank gebrouwen wordt. De oorsprong van Absint ligt trouwens in Zwitserland. Henri-Louis Pernod ging het in Frankrijk produceren. Het recept kwam van een Franse arts, die het in Zwitserland had opgepikt. Terug naar 1901 bij Pontarlier. Door een blikseminslag was er brand uitgebroken in de Franse fabriek. Er dreigde een ramp en om die ramp niet al te groot te laten worden, lieten werknemers grote hoeveelheden absint in de rivier de Doubs stromen.
Door de ontdekking van het groene drankje in de Loue, werd een eeuwenoud vraagstuk opgelost. De rivier de Doubs komt dus onder de rotsen door en stroomt rechtstreeks in de Loue.
Toen wij er waren, was er niets te zien van de groene drank. Het is een hele tijd verboden geweest, men zou er hallucinaties van kunnen krijgen. Tegenwoordig is het wel weer verkrijgbaar.
Quingey. Brug over de Loue.

Lekker???

Quingey en de Loue, gezien vanaf de camping.

donderdag 2 maart 2017

Nog wat herinneringen. Ongeveer 30 jaar geleden.

Ons dappere Peugeotje in Vias.         De bar van de camping in Vias. 's Avonds gezellig.

Overnachten in Tournus. Frisjes.            In Vias is lekker weer. Let op scheerlijnen.